De verjaardag van mijn burn-out

Op 31 Maart was het zover; de verjaardag van mijn burn-out. Precies drie jaar geleden, achterin de klas van mijn stagiaire, voelde ik letterlijk die enorme dam doorbreken die ik zo lang tegen had gehouden. Ik heb mijn tranen tot ik buiten stond in weten te houden en in een waas ben ik naar huis gereden. Helemaal Kapot.
Natuurlijk wist ik dat ik over mijn grenzen ging, dat het eigenlijk heel lang echt teveel was, dat ik me van vakantie naar vakantie sleepte, maar het was alsof ik in een sneltrein zat en dat ik nergens een station vond om uit te stappen. Ik wist gewoon niet hoe ik die ruimte voor mezelf moest maken.
Ik heb me de volgende dag ziek gemeld; ik schatte in dat ik even een week moest bijkomen, zodat ik even tijd had om op te laden tot aan de volgende vakantie, zoals ik dat al jaren deed. Maar met het weekje uitrusten kwam de Echte Grote Vermoeidheid naar boven. Ik had mezelf steeds op wilskracht weten op te peppen, maar nu gehoorzaamde mijn lichaam gewoon niet meer aan mijn ijzeren discipline. Maanden en maanden van totale vermoeidheid volgden, een oceaan van vermoeidheid en tranen zonder een eilandje in zicht.. en van enorme frustratie.
“Acht maanden” zei mijn praktijkbegeleidster “duurt het vaak voordat mensen weer een beetje opgeknapt zijn.” Ik dacht letterlijk: ‘Wat, acht maanden??? Ik herstel in vier.’ (Grappig maar ook confronterend nu, want zó typerend.)
Uiteindelijk duurde het precies twee jaar voordat ik niet meer om tien uur ’s ochtends door mijn energie van de hele dag heen was. Zo ver was ik over mijn grenzen gegaan en ook zo slecht kon ik me overgeven aan het herstel. Twee jaar van vallen en opstaan, een leerproces van het ontdekken waar mijn grenzen lagen en er vooral niet overheen gaan. Niet even toch dat ene dingetje afmaken, maar echt luisteren naar de signalen die ik al zo lang had genegeerd. Vijf minuten langer doorwerken en ik werd teruggefloten en meteen gestraft met een week waarin ik te moe om nog een hand op te tillen: huisarrest in mijn lichaam, huisarrest van mijn lichaam, en terecht denk ik nu.
‘Nu’ is drie jaar later. Ben ik weer de oude? Qua energie ben ik nog steeds niet geheel hersteld en ik lijk ook nog gevoeliger voor harde geluiden en drukte dan ik was. Misschien is dat onveranderd, maar neem ik mijn eigen grenzen beter waar. Dus ik ben zeker niet de oude. Ik voel me beter en blijer dan dat ik lange tijd was. Ik heb een andere baan die beter bij me past en ik voel me veel vrijer en zekerder om dingen te doen .. of te laten.
Dus… nóóit gedacht dat ik dit ooit zou zeggen, maar achteraf gezien was die burn-out een bevrijding. Een bevrijding van ‘de oude’; van uit dat rare, harde keurslijf van taken en moeten, een bevrijding van van die kritische stem voor wie niets goed genoeg was (voor wie ik niet goed genoeg was) en die me geen ruimte liet voor mijn eigen behoeften en gevoel. Door heftige deze fase heb ik nu de afslag genomen die de goede kant opgaat en niet meer tegen de stroom in.  Dus, dankjewel burn-out, je was (en bent nog steeds af en toe) een harde, maar ook waardevolle les.
(En nog gefeliciteerd natuurlijk 😉 ).